 |
Oeps II
Goed gereedschap moet onder een afdak staan.
De zomer is begonnen en het regent al drie dagen pijpenstelen. Dan kijk je zolang uit naar de zomer zodat onze vrouwtjes met hun mooiste vormen kunnen uitpakken, regent het de blaasjes op de plassen waardoor ze regenkledij aandoen en dan zie je weer niks. De hele maand juli kwikkel kwakkel weer en in augustus zomert het. Ik hoop maar dat de weerman weer ongelijk krijgt.
"Wil je met me mee naar boven ?"
Ik kijk de huurster die boven ons kroegje woont vragend aan, ben nog nooit bij jou boven geweest en van zolang ik jou ken heb je niet de reputatie eenzame mannen van de toog te plukken om met jou mee naar boven te gaan. Ik kijk naar onze barmoeder die deze merkwaardige vraag ook gehoord heeft en die, net zoals ik, zich afvraagt waarom.
"Ik zit met een paraplu op het toilet, wil je eens komen kijken ?"
Aan de toog van mijn kroegje zit ik een biertje te drinken, ben al vroeg op en heb een hele dagtaak achter de rug en het laatste waar ik nu zin in heb is om jou op de pot te zien zitten met een paraplu.
Nog steeds wezenloos haar onbegrijpend aankijkend blijkt ze mijn onbegrip beu te worden.
"Het dak lekt !"
Het dak lekt, kon je dat niet meteen zeggen ? Ben bijna vijftig hoor, mijn grijze hersencellen verouderen mee, had het niet meteen begrepen. Sommige vouwen denken blijkbaar nog steeds dat mannen helderzienden zijn. Sorry hoor, als jij het niet duidelijk zegt zal ik het nooit te weten komen.
Zeven uur in de avond en ik word door de bovenbuurvrouw van mijn barkruk geplukt om met haar mee naar boven te gaan, regelrecht naar haar badkamer. In de badkamer staat een toilet en rond de pot staan allemaal emmertjes en pannetjes om het water op te vangen dat uit het plafond lekt.
"Volgens mij heb je een lek in je dak."
"Wat slim van je, dat je dat zo snel weet."
In de badkamer is een raam en vanuit dat raam kan ik op het dak van de keuken van ons kroegje. Ik vraag of ze toevallig een ladder heeft en ja hoor, ergens haalt ze een ladder tevoorschijn. Ik steek het ding door het raam, klim er zelf achteraan en schuif de ladder uit zodat ik op het dak boven de badkamer terecht kom.
Dat is het dus, daardoor lekt het binnen. Daar ben ik wel even mee bezig om dat te herstellen en om zeven uur 's avonds heb ik daar echt geen zin meer in. Ik laat de ladder staan, hup door het raam op de badkamer vloer, zeg haar wat ik gezien heb en dat ik morgenvroeg zal terug komen om het te herstellen. Niemand hoeft thuis te zijn, ik kom wel via het dak van de keuken.
Acht uur in de morgen. Het regent even niet. Goed, want in de pletsende regen op een dak kruipen is nu niet mijn lievelingswerk. Ik haal mijn ladder van de aanhangwagen en via de tuin van ons kroegje plof ik het ding tegen de gevel van de keuken en kruip op dak één. Vervolgens begeef ik mij naar de ladder die ik had laten staan om op dak twee te kruipen.
Neen maar !!!
Daar staat mijnheer in de badkamer, helemaal in zijn blote niks. Ik had toch gezegd dat ik zou komen ? Volgens mij schort er iets aan de communicatie tussen de bovenbuurvrouw en haar man.
Verveeld kijken we elkaar aan.
Dus zo ziet de knuffelbeer van de bovenbuurvrouw eruit. Juist ja, goed gereedschap moet onder een afdak staan.
6 lezers hebben gestemd, waardering = 75% |
|
 |