<< Vorig verhaaltje   ¦   Terug naar inhoud   ¦   Volgend verhaaltje >>
24
 
De getjoepte balk

God straft onmiddellijk.

Dreigend hangen hele massa's wolken aan de hemel. Grote opklaringen tussendoor met daarachter het hemels blauw. De zon bestraalt de wolken waardoor de randen onschuldig wit lijken maar het licht bereikt de kern niet en de dreiging blijft gehandhaafd. Zo is het al de hele dag, soms groeperen ze zich en verstoppen de zon, komt de ene sneeuwbui na de andere, dan trekken ze open en is het zomer. Einde maart en het is nóg winter.

Snel naar mijn atelier, de aanhangwagen van mijn wagen bevrijden en dan naar huis om een hapje te eten, te wassen en te scheren want ik heb vanavond een afspraak met een vrouwke over wie ik serieus kan door fantaseren. Ik wil netjes voorkomen en op tijd zijn. Eindelijk, een tête à tête met haar alleen aan de bar. Loop er al een hele dag naar uit te kijken om in haar warme stralende ogen te kunnen kijken na deze gure winterdag, mij even te laten opladen door haar levendige glimlach en aanstekende levensvreugde. De reden dat wij elkaar ontmoeten is irrelevant, hoofdzaak is dat zij voor mij komt en ik voor haar.

Achteruit rij ik de grote poort van mijn atelier binnen, snel uitladen, de spullen terug op hun plaatsje anders zit ik er een andere keer mee, afhaken en mijn femmeke fatale ontmoeten.

Er ontbreekt iets, waar is mijn balk ?

Heb vandaag een karweitje gedaan en daar had ik een balk voor nodig, ben er zeker van dat ik die opgeladen heb en hij ligt er niet meer op. Het ding is 3,9 m lang ik kan er niet naast kijken. Hemeltjelief, hij zal er toch niet af gewipt zijn zeker. Ik vlieg terug in mijn wagen en opnieuw rij ik hetzelfde traject af. Langzaam rij ik over de weg speurend naar mijn balk. Ik mag er niet aan denken dat hij tegen een geparkeerde auto gevlogen is. Had ik hem toch maar vast gemaakt. Maar neen, zo'n ding wipt er niet uit, onmogelijk. Ik ben een vrij rustige chauffeur, het kan niet. Ook al verhinderen onze beleidsmensen ons om vooruit te komen in het leven door het plaatsen van verkeersdrempels waardoor ik met mijn aanhangwagen over de weg rij alsof het een cake-walk is, onmogelijk, mijn balk kan er van zichzelf niet uit.

Het hele traject twee maal afgereden. Een keertje heen en een keertje terug, geen balk of sporen van. Hij is getjoept. Ik ben er zeker van. Toen ik naar mijn atelier reed ben ik gestopt aan een kroegje, heb daar snel een koffie gedronken en een pakje sigaretten uit de muur getrokken en daar op de parking is hij ontvreemd, zeker weten het kan niet anders.

In de badkamer sta ik voor de spiegel mezelf te scheren, dadelijk zie ik haar, mijn tanden nog poetsen ik wil netjes voorkomen, zal ik reuk aan doen, neen dat is er over. Ik probeer het balkgebeuren uit mijn denken te bannen, toch wel een vernedering. Een stomme houten balk maar toch wel een vernedering dat er iemand die van mijn geparkeerde aanhangwagen afhaalt als ik niets wetend aan de koffie zit. Heb daar nog even vluchtig de krant gelezen en ben dan weg gegaan, ben daar hooguit een kwartiertje geweest.

Een dief komt niet zomaar, het heeft een reden, waar ben ik fout gegaan ? In de spiegel zie ik mezelf en ontdek de reden waarom de dief gekomen is, ik heb hem zelf gevraagd. Een tijdje geleden heb ik een dak getimmerd, heb daar 14 balken voor aangekocht en had er maar 13 nodig. Het werk heb ik in regie uitgevoerd en de rekening van de houthandelaar integraal doorgerekend aan mijn klant. Ik heb mijn klant één balk teveel aangerekend, ik heb hem laten betalen voor materialen die niet gebruikt zijn. Alles wat je steelt verlies je of gaat kapot en zo krijg ik koek van eigen deeg. Oog om oog, tand om tand heeft er eens iemand 2000 jaar geleden gezegd en die vent had gelijk, nagelen ze hem nog aan het kruis ook nog. Wat gij zaait zult gij oogsten, actie is gelijk aan reactie. Ik moet dit herstellen, ik moet mijn klant het teveel betaalde terug geven. Verantwoordelijkheid nemen voor mijn eigen doen en laten. Wat is het leven toch fair.

Waarom gaat het met het stoute zo snel en duurt het met de liefde een eeuwigheid ? Heb ik dan nooit iets goeds gedaan dat oog om oog, tand om tand mij terug keert in liefde ?
Ik zet mijn hoed op mijn kop en trek de deur achter me dicht, netjes gewassen en geschoren. Dat ik haar vanavond mag ontmoeten is dat al een voorschot op wat komen gaat ? Is zij een diefje die mijn hart komt stelen ?

12 lezers hebben gestemd, waardering = 67%
 
<< Vorig verhaaltje   ¦   Terug naar inhoud   ¦   Volgend verhaaltje >>